De dopingcontroleurs waren dinsdagavond aan het thuisadres van Pieter Serry verschenen, maar troffen de renner van Quick-Step Floors daar niet aan. Serry was immers op het Gala voor de Flandrien in het Kursaal in Oostende.

Omdat de coureur niet naar zijn woonplaats kon en wilde afzakken, gaf hij het adres van het Casino-Kursaal door. Hierop trokken de controleurs naar de Belgische kust, en plukten hem uit de zaal. Dat was niet naar de zin van Serry, die achteraf zijn beklag deed. "Ik voel mij als een gedetineerde met een enkelband", sprak hij nogal misnoegd.

Delen

Ik voel mij als een gedetineerde met een enkelband

De CPA heeft het na dit nieuwe incident wel gehad, zo klinkt het in een persbericht. De rennersvakbond deed al zijn beklag bij de Internationale Wielerunie (UCI) en de Cycling Anti-Doping Foundation (CADF) over de soms erg ongelukkige timing van de antidopingcontroles.

"Er zijn gevallen bekend waarbij renners gecontroleerd werden op hun huwelijksdag, tijdens een begrafenis of op de eerste schooldag van hun kind. Nu is er het geval Pieter Serry", verklaart CPA-voorzitter Gianni Bugno. "We kunnen niet langer deze manier van werken aanzien die geen rekening houdt met de privacy van de renners. Zij staan twee procent van hun prijzengeld af om deze controles mogelijk te maken. Ze zijn de enige sporters ter wereld die het antidopingsysteem zelf financieren. De renners respecteren de maatregelen in de strijd tegen doping, maar ze vragen wel dat hun privéleven wordt gerespecteerd."

NADO Vlaanderen, dat het dopingbeleid in Vlaanderen beheert, laat donderdag in een persbericht weten niet verantwoordelijk te zijn voor de opmerkelijke controle van Serry. Volgens de organisatie werd de dopingcontrole uitgevoerd in opdracht van het CADF (Cycling Anti-Doping Foundation). Dat is de onafhankelijke antidopingorganisatie van de UCI die renners van wielerteams, aangesloten bij de UCI World Tour, aan een controle buiten competitie kan onderwerpen.

"Dit kan overal ter wereld worden uitgevoerd ongeacht kennisgeving aan of in aanwezigheid van de lokale Nationale Antidopingorganisatie. De controleurs op de dopingcontrole tijdens het Gala van de Flandrien, handelden in opdracht van het CADF en zijn op geen enkele manier verbonden met NADO Vlaanderen", klinkt het. "Deze controle berust dus op factoren waar NADO Vlaanderen helemaal geen vat op heeft, namelijk de aanwezigheid van de renner op een locatie in Vlaanderen, overeenkomstig de gegevens van zijn whereabouts en de onafhankelijke controlebevoegdheid van zijn internationale sportfederatie. Elke verwijzing naar het Vlaams antidopingbeleid is in dit geval dus niet relevant."

"Als er in de berichtgeving of op sociale media al dan niet spreekwoordelijk zou gewezen zijn op de aanwezigheid van het dopingbusje dat buiten het Kursaal geparkeerd stond, dan was dat in elk geval niet de in het sportmilieu gekende dopingbus van NADO Vlaanderen", besluit het persbericht.

(Belga)